Onderzoek naar risicofactoren voor een COVID-19-infectie

In een recent onderzoek heeft men niet alleen gekeken naar factoren welke invloed hebben op de ernst en het beloop van een COVID-19-infectie, maar ook naar factoren welke beschermen tegen infectie. Daarbij waren meerdere onverwachte bevindingen. Het onderzoek is gepubliceerd in Biology Methods and Protocols.

Er zijn verrassend weinig studies die zoeken naar risicofactoren van SARS-CoV-2 infecties (zowel symptomatische als asymptomatische) en factoren die individuen beschermen tegen de infectie. Het hoofddoel van deze studie was een systematisch onderzoek van zowel de bekende als de nog onbekende factoren die het risico van een SARS-CoV-2 infectie positief of negatief zouden kunnen beïnvloeden.

Onderzoek

Het betreft hier een prospectief longitudinaal onderzoek bij 5.164 internetgebruikers (Tsjechië) die informatie deelden over hun blootstelling aan 105 risicofactoren. Deze deelnemers gaven aan de start van het onderzoek aan COVID-19-negatief te zijn. Na de vierde golf, waarbij 709 (13,7%) van de deelnemers besmet waren, werd het risico van besmetting en een ernstig verloop van de ziekte vergeleken bij personen die aanvankelijk wel en niet rapporteerden dat zij aan bepaalde risicofactoren waren blootgesteld. Er werd gekeken naar verschillende biologische factoren, waaronder morfologische kenmerken, sociodemografische factoren, gedragskenmerken/leefstijlvariabelen, contacten met dieren, comorbiditeiten en gebruik van vitaminen en supplementen.

Resultaten: infectierisico

Er werden verschillende factoren geïdentificeerd – waaronder mannelijk geslacht, lagere leeftijd, bloedgroep B en grotere omvang van het huishouden – die het risico op infectie verhoogden. Daarnaast waren er ook factoren – waaronder het dragen van een masker en borreliose in het verleden – die het infectierisico verminderden.

Tijdens de uitbraak van COVID-19 werd gesuggereerd dat bepaalde vitaminen mogelijk een beschermend effect zou hebben. Er wordt nu aangetoond dat het gebruik van vitamine D-supplementen significante bescherming biedt tegen het verwerven van SARS-CoV-2-infectie. Enigszins onverwacht was het sterke beschermende effect van het drinken van rooibos. Het is bekend dat rooibos, een gefermenteerd extract van de bladeren van A. linearis, zowel antioxiderende als ontstekingsremmende effecten heeft. Twee belangrijke actieve dihydrochalconen in rooibos onderdrukken de geïnduceerde vaatontsteking in menselijke veneuze endotheelcellen. Bij muizen onderdrukken zij vasculaire ontsteking. Voor zover bekend zijn er nog geen gegevens gepubliceerd over de effecten van rooibos of de biologisch actieve bestanddelen ervan in samenhang met COVID-19.

Opvallend was dat actief betrokken zijn bij sport (zowel bij mannen als bij vrouwen), frequent zingen (alleen bij mannen) en zwemmen in koud water (zowel bij mannen als bij vrouwen), het risico op infectie verhoogden. De onderzoekers speculeren dat deze activiteiten het infectierisico alleen indirect verhogen, namelijk door het aantal fysieke contacten met andere mensen te verhogen. De belangrijkste beschermende factor tegen COVID-19-infectie was het strikt naleven van het dragen van maskers en ademhalingsapparatuur.

Wanneer afzonderlijk naar vrouwen en mannen werd gekeken bleek dat de sterkste beschermende factor bij vrouwen wandelen in de natuur was. Bij mannen was wandelen in de natuur eerder een risicofactor en was de sterkste beschermende factor het dragen van maskers en het gebruik van ademhalingsapparatuur. Het bewaren van sociale afstand en frequent handen wassen hadden een zwak en niet-significant effect bij zowel mannen (p>0,069) als vrouwen (p>0,699).

Het roken van tabak (bij zowel mannen als vrouwen) en gedeeltelijk ook het gebruik van marihuana (bij vrouwen) had in dit onderzoek een relatief sterk beschermend effect tegen SARS-CoV-2-infectie. Marihuanagebruik en, minder waarschijnlijk, het roken van tabak zouden ook enige beschermende effecten kunnen hebben tegen een ernstig beloop van COVID-19. De meeste studies tonen echter negatieve effecten van roken op het risico van een ernstig beloop van COVID-19. De onderzoekers geven een hypothetische publicatiebias als mogelijke oorzaak voor deze tegenstrijdigheid; het is mogelijk dat auteurs en redacteuren terughoudend zijn bij het publiceren van resultaten die positieve effecten van roken laten zien. De onderzoekers melden wel dat de rokers een slechtere geestelijke gezondheid rapporteerden, en dat vrouwelijke rokers in de tweede vragenlijst een slechtere geestelijke en lichamelijke gezondheid rapporteerden dan niet-rokers.

Ernst en beloop

Het meest onverwachte resultaat was de positieve correlatie tussen een hogere ernst van het beloop van COVID-19 en de naleving van het dragen van maskers, het gebruiken van ademhalingsapparatuur en, in mindere mate, het bewaren van sociale afstand. Gespeculeerd wordt dat personen met aanleg voor een ernstig beloop van COVID-19 meer moeite deden om besmetting te voorkomen en indien zij toch besmet raakten, zij een ernstiger ziekteverloop hadden dan personen zonder dergelijke risicofactoren.

Koudwaterzwemmen had een positief effect op de lichamelijke en geestelijke gezondheid, maar het leek ook samen te hangen met een niet-significant ernstiger beloop van COVID-19 bij vrouwen. Een waarschijnlijke verklaring is dat proefpersonen die aan deze activiteit deelnemen zelden last hebben van verkoudheden, griep en andere infectieziekten en daarom het verloop van hun COVID-19-infectie als ernstiger beoordeelden dan andere personen. Frequent saunagebruik had niet alleen een positief effect op de lichamelijke en geestelijke gezondheid, maar werd het ook negatief geassocieerd met een ernstig beloop van COVID-19.

Het houden van katten of honden als huisdier had geen invloed op het risico van besmetting en meestal niet-significante positieve effecten op het risico van een ernstig verloop van COVID-19. De significante positieve associaties tussen het houden van een hond en ernstiger symptomen van COVID-19 bij vrouwen (p=0,003) en tussen het houden van een kat en de duur van COVID-19 bij mannen (p=0,003) verdienen toekomstige aandacht. Beiden zouden ook artefacten van meervoudige tests kunnen zijn.

Bekende gezondheidsgerelateerde predisposities voor een slechter verloop en resultaat van COVID-19 leverden meestal de verwachte effecten op. Verrassend genoeg ontdekten de onderzoekers geen effect van latente toxoplasmose, die in een eerdere studie de sterkste risicofactor was voor de SARS-CoV-2 infectie en een ernstig beloop van COVID-19. Het verschil in risicofactoren kan worden veroorzaakt door verschillen tussen de biologische eigenschappen van de verschillende varianten van SARS-CoV-2. Een andere verrassende bevinding was een zeer sterk beschermend effect van anti-Borrelia-antilichamen tegen de infectie bij beide geslachten en, hoewel alleen bij mannen, ook tegen een ernstig verloop van de ziekte. Men zou onder andere kunnen speculeren dat de extracellulaire parasiet Borrelia de immuunreactiviteit van de gastheer omleidt van humorale naar cellulaire immuniteit, wat enige bescherming tegen SARS-CoV-2 zou kunnen bieden. Volgens de onderzoekers verdienen de waargenomen beschermende effecten de grootste aandacht in toekomstige studies.

Conclusie

Deze vooraf geregistreerde longitudinale studie is van exploratieve aard. Hoewel de waargenomen effecten dus sterk waren en zelfs na correctie voor meervoudige tests zeer significant bleven, zal het bestaan ervan in toekomstige onafhankelijke studies moeten worden bevestigd.

Referenties:

  1. Flegr J, et al. Biology Methods and Protocols. 2022; https://doi.org/10.1093/biomethods/bpac030
  2. Flegr J, et al. Parasit Vect. 2021; https://doi.org/10.21203/rs.3.rs-819824/v1